woensdag 23 december 2009

De 'onbekende' soldaat...





Vorige week hebben we een cultureel uiterst verantwoord uitstapje gemaakt naar Heroes’Acre. Volgens de regering van Namibië een must voor iedere Namibiër die zijn natie, en de strijd die daarvoor geleverd is eer wil bewijzen, en ook zeker interessant voor iedere buitenlander die een beeld wil krijgen van het Namibisch nationalisme en patriottisme.
In werkelijkheid is het monument ver weg van de stad en rijden er geen bussen heen zodat de arme bevolking er eigenlijk al niet heen kan, bovendien moet je er een entree betalen die haast gelijk staat aan een daginkomen van de gemiddelde Namibiër. Dure manier om je natie eer te bewijzen.
Dit officiële oorlogsmonument, met een enigszins indrukwekkende totale oppervlakte van 350 hectare is gebouwd in opdracht van oud-president en  gezicht van de onafhankelijkheidsbeweging Sam Nujoma. Hoewel het 8 meter hoge beeld van een dappere soldaat officieel beeld staat voor alle dappere Namibiërs die deel hebben genomen aan de strijd voor onafhankelijkheid lijkt deze ‘onbekende soldaat’ verdacht veel op Sam Nujoma zelf. Het hele project heeft in totaal een slordige 8 miljoen euro gekost en het is haast lachwekkend wat voor slechte kwaliteit er met dat geld is neergezet.  Hoewel het monument er pas sinds 2002 staat zijn er al heel wat barsten en scheuren te ontdekken. Tegels zijn gebroken, de letters op het monument beginnen los te laten en de bronzen soldaat lijkt ook zijn beste tijd gehad te hebben. Een mooi voorbeeld  van Afrikaanse kitsch en de grootheidswaan van haar leiders.
Namibië is in maart 1990 onafhankelijk geworden, na meer dan 100 jaar koloniaal gebied te zijn geweest van eerst Duitsland en later Zuid Afrika. Ik geloof dat de strijd om die onafhankelijkheid te krijgen zwaar is geweest. Mensen hebben er voor geleden en vele dappere strijders hebben hun leven voor hun land gegeven. Maar toch had dit monument voor mij een vervreemdend gevoel. In een land waar meer dan de helft van de bevolking dagelijks in onzekerheid leeft over de beschikbaarheid van eten gezondheidszorg en onderwijs lijkt het me niet gepast om als president narcistisch miljoenen in een  monument te steken dat voor de gewone man helemaal geen meerwaarde heeft.
Na deze geschiedenisles waar jullie waarschijnlijk helemaal niet op zaten te wachten wil ik jullie, in deze laatste blog van het jaar hele fijne feestdagen en een gezegend 2010 wensen. Nog een week of 2, dan gaan we naar Kaapstad waar ons nieuwe leven eindelijk echt gaat beginnen. Dan zal het over zijn met de aardrijkskunde en geschiedenislessen over Namibië en zal ik verhalen vertellen over mijn werk.  Nog even hier genieten van kerst op het strand en oud en nieuw in de warmte…
Liefs Anneke en Hartmut

maandag 14 december 2009

Dali in Namibie...



We zijn naar Sossusvlei geweest, dé toeristische trekpleister van Namibië en ik snap precies waarom.  Deze vlei ligt midden in de Namib-woestijn met zijn betoverende oranjerode duinen die tot de hoogste van de wereld behoren. Deze typerende rode kleur wordt veroorzaakt door ijzeroxide dat als een dun laagje om iedere korrel ligt. In de regentijd wordt de vlei gevuld met water, gevoed door de Tsaucheb-rivier die hier verdwijnt in de metershoge zandzee. Dan verandert de vlei in een meer en worden de omliggende bomen gevoed zodat de vallei een grote groene oase in het midden van de woestijn vormt. Regen is al lang niet gevallen  maar dat nam niet weg dat de groene bomen en planten een bevreemdend contrast vormden met de dorre droogte om hen heen. De Sossusvlei is niet het enige indrukwekkende natuurverschijnsel dat  veroorzaakt is door de Tsaucheb. 6o kilometer oostelijker heeft deze rivier de Sesriem-canyon in het landschap gesneden. Een 30 meter diepe canyon die op sommige plaatsen maar 2 meter breed en bijna een kilometer lang is. Zijn naam heeft een grappige oorsprong. Toen de voortrekkers langs deze plaats kwamen hadden ze uiteraard water nodig maar de canyon was zo diep dat ze zes riemen (Sesriem) aan elkaar moesten knopen voor hun emmer bij het water was. Wij troffen op deze plek geen water; alleen maar een brandende zon in een adembenemend landschap.Nóg indrukwekkender en specialer  vond ik de ‘dooie vlei’ tegenover de Sossusvlei. Ik zou geen toepasselijker naam kunnen verzinnen voor deze vallei, omringt door 300 meter hoge zandduinen,  waar eeuwenoude  kameeldoornbomen, zwartgeblakerd door de zon een surreëel  beeld vormen.  Ik verwachtte er haast  de langpotige olifanten en kromme horloges uit Dali’s schilderijen te zien. Deze kleivallei is vermoedelijk meer dan 900 jaar geleden ontstaan na een buitengewone regenval die de Tsaucheb-rivier deed overstromen. In de woestijn kwamen kleine meertjes waarin de kameeldoornbomen konden groeien. Toen het klimaat veranderde en het weer droog werd sloten de zandduinen langzaam maar zeker de vallei waardoor de weg naar de rivier werd geblokkeerd en de bomen door water tekort langzaam maar zeker dood gingen en veranderden in kale skeletten. De extreme hitte maakt de bomen zo droog dat ze niet vergaan maar juist eeuwig bewaard zullen blijven als schitterende kunstwerken uit een ver verleden. 

dinsdag 8 december 2009

Wie is de schuldige?


Het afgelopen weekend hebben we doorgebracht bij Hartmuts oma in Swakopmund, een idyllisch havenstadje met veel Duitse invloeden. Dit zie je in de gebouwen, maar ook in de restaurants, de winkels en de bevolking. Veel oudere Duitsers die hun leven lang hard gewerkt hebben in de eenzaamheid van een boerderij op het dunbevolkte platteland trekken op hun oude dag naar Swakopmund om daar te genieten van wat meer luxe en vooral gezelschap. Als je aan komt rijden door de hete, dorre woestijn waar niets groeit en niets leeft is het moeilijk voor te stellen dat deze stad aan de zee ligt. De woestijn eindigt waar de zee begint en dit geeft binnen een gebied van enkele honderden meters een sterk contrast in landschap en klimaat.

De afgelopen weken heb ik veel leuke dingen gedaan. We hebben vele kilometers gereisd door betoverende landschappen, heerlijk gegeten, schitterende zonsondergangen gezien en enorm genoten. Afrika zoals de reisprogramma’s en travelmagazines het voorstellen. Een heel ander Afrika dan geur van de walmende petroleumlampjes, de sloppenwijken en de overvolle ziekenhuizen die ik gewend was. Maar  juist door in zo’n ‘ander Afrika’ te zijn leer ik om dingen vanuit een ander perspectief te zien. Dat de waarheid niet zo zwart-wit is als ik graag zou willen geloven.

Voor ik naar Namibië kwam kon ik me moeilijk voorstellen hoe men in een ‘arm land’ rijk kan en durft te zijn. Hoe men schijnbaar harteloos grote huizen en de bijbehorende luxe levens kan hebben zonder om te kijken naar buren die het zo veel minder hebben. Maar door hier te zijn, door te observeren, te luisteren en vragen te stellen ga ik dingen begrijpen, snap ik de frustratie van de blanken in Afrika, snap ik dat mensen de hoop op een beter Afrika hebben opgegeven.
Hier in Namibië is een kleine minderheid rijk maar de meeste mensen zijn arm, héél arm. Oneerlijk hè? Toch leer ik nu dat een oneerlijk verdeelde samenleving niet altijd zo oneerlijk is als hij lijkt. De blanken die ik hier ben tegengekomen komen uit hardwerkende families die aan het begin van de vorige eeuw naar Afrika zijn getrokken om een nieuw bestaan op te bouwen. Het begin was vaak moeilijk en veel van deze families kenden tijden van bittere armoede. Ze werkten hard en met het geld dat ze verdienden kochten ze stukken land. De koloniale regering en apartheid zorgden er voor dat wetten en rechtspraak vaak in het voordeel van de blanken vielen en hierdoor floreerde de blanke boer. Zuidwest Afrika  had een goede infrastructuur, hoog aangeschreven scholen en het leven was er goed. 20 jaar geleden kwam er gelukkig een einde aan apartheid, de klein gehouden zwarte bevolking werd weer als volwaardig gezien en langzaam maar zeker kwam er een totale omwenteling in de maatschappij. Nu is het niet langer je opleiding, je ervaring of je kennis die je een goede baan verschaft, maar je huidskleur, mits hij zwart, is opent de deur naar macht. Men zegt dat sommige van de parlementariërs niet eens de middelbare school afgemaakt hebben. En dat is te zien aan de manier waarop ze het land regeren. Op het eerste gezicht lijkt alles mooi en goed maar als je beter kijkt, en als je de verhalen hoort van hoe het 20 jaar geleden was verliest zelfs een rasoptimist als ik een beetje hoop. En als dan de afgelopen week de regering, die er de laatste vier jaar niets van gebakken heeft, met grote meerderheid weer de verkiezingen wint kan ik me de onverschilligheid van de blanke mensen ten opzichte van de armoede heel goed voorstellen.
Daar komt nog bij dat de meeste blanken dagelijks te maken hebben met de totaal andere arbeidsethos van de zwarte bevolking. (Excuses voor mijn generaliseren) De blanken hebben hard gewerkt om te komen waar ze nu zijn terwijl de donkere bevolking meent nu ze de macht hebben het recht op dezelfde luxe te hebben zonder daarvoor de bijbehorende prijs te willen betalen. Als je geen land hebt en je wilt dit wel graag ga je eenvoudigweg land bezetten, als je geen auto hebt kan je die ook stelen en het is eenvoudiger om te klagen en bedelend de hand op te houden om ‘de zielige, benadeelde Afrikaan’ te zijn dan om zelf verantwoordelijkheid te nemen. Ik heb verhalen gehoord over mensen die een werknemer zochten en naar de politie van een dorp gingen om te vragen wie in dat dorp eerlijk en betrouwbaar was. De politie moest helaas antwoorden dat er niemand was die nog nooit in de gevangenis gezeten was. Werknemers die een goede baan hebben nemen een weekend verlof en komen dan de twee daaropvolgende weken ook niet opdagen terwijl ze wel verwachten dat ze uitbetaald worden, mensen nemen zonder reden ontslag zodat ze geen inkomen hebben en gaan vervolgens zuchten dat het leven in Afrika zo zwaar is.

Het is absoluut niet mijn bedoeling om racistische pro-apartheidspropoganda te schrijven. Natuurlijk zijn er ook hardwerkende zwarte mensen en zeer luie stelende blanke mensen. Men hoeft ook niet bang te zijn dat ik de hoop op een betere wereld verloren ben en dat ik daarom mijn idealen maar aan de kant gezet heb. Maar ik vind het wel belangrijk dat berichtgeving eerlijk is, en dat de-zielige-arme-afrikaan niet altijd alleen maar slachtoffer maar soms ook boosdoener is. De boosdoeners, de corrupte minister, het stelende stamhoofd en de luie politieagent maken het moelijk voor de anderen, de mensen die wel van goede wil zijn, de slachtoffers. Ik heb niet de illusie dat ik met mijn werk een heel continent kan veranderen, en als ik dat al had is die illusie de laatste weken helemaal verdwenen, maar ik kan er wel zijn voor de slchtoffers. Voor de vrouw die er niets aan kan doen dat ze verkracht werd, voor het kind dat er niet voor gekozen heeft om met AIDS geboren te worden en voor het schoolmeisje dat graag voorlichting krijgt zodat ze de juiste keuzes kan maken op de gebieden waar haar omgeving dat niet doet.

Anneke

zondag 22 november 2009

De rode duinen van de Kalahari...


Zondagavond... net terug van Hartmut's oom en tante. Ze hebben een farm aan de rand van de Kalahari-woestijn. Rode zandduinen,  indrukwekkende vergezichten en schitterende dieren zorgden voor een weekend heerlijk genieten. In een land zo groot als Frankrijk dat verdeeld moet worden over slechts 2 miljoen mensen is er ruimte genoeg en dat is te merken. Geen file's op de weg, geen lichtvervuiling maar een prachtige sterrenhemel en een eindeloze wijdsheid waarin je amper mensen tegen komt.
Zo, kijkend naar die sterren, zonder de geluiden van auto's, mobieltjes en andere mensen wordt je stilgezet, ga je nadenken, en kan ik maar tot een conclusie komen...
Onze schepper is een kunstenaar!

zondag 15 november 2009

Indrukwekkende leegheid...


Helaas nog geen spannende ontwikkelingshulpverhalen of foto's van donkere-kindjes-met-mooie-grote-ogen, die zullen nog genoeg komen. Afgelopen woensdag zijn we in Namibie aangekomen, ik was hier al eerder geweest maar de grootsheid, schoonheid en leegheid viel me weer op. Een schitterend land waar Hartmut en ik enorm genieten. Hij omdat hij eindelijk weer thuis is, en ik omdat ik bij hem ben en samen omdat het hier gewoon zo mooi is....

zondag 8 november 2009

Regelen en genieten...


We zijn in Zuid Afrika en genieten! We hebben vooral veel regeldingen gedaan maar omdat foto's van visumaanvragen en gesprekken met proffen niet erg interessant zijn een paar foto's om te laten zien hoe ontzettend mooi het hier is...

Liefs Hartmut en Anneke

maandag 2 november 2009

Partir c'est mourir un peu....







2 November, nog één dag en dan is het eindelijk zo ver, dan stappen Hartmut en ik in het vliegtuig richting Kaapstad.
De afgelopen weken waren leuk, spannend, genieten...
Voor de laatste keer werken, nog even hardlopend genieten van de Nederlandse herfst, nog even de laatste boodschappen doen in Hattem.
Gisteren de laatste keer naar de kerk, met een emotioneel maar ook hartverwarmend afscheid. Dat de hele kerk ons de zegen toezong zorgde voor kippenvel en een brok in de keel. Veel mensen komen nog even langs met lieve kaartjes en cadeautjes.Het is zo mooi om te zien hoe veel mensen me steunen, emotioneel maar ook financieel, fantastisch!  Ik wil uitgeverij Wedding en Retail&More in het speciaal bedanken voor hun hulp met de folder. Zij hebben de folder voor mij ontworpen en kosteloos gedrukt en dit is een enorme hulp geweest bij het werven van fondsen. Ook wil ik de diakonie van de vrijgemaakte kerk van Hattem bedanken voor de steun, ik weet dat ik me geen zorgen hoef te maken en ik voel me enorm gezegend.

 Nu nog even naar het gemeentehuis me registreren als emigrant, mijn koffer inpakken en nog even genieten van mijn familie.
Ik wil hen ook bedanken voor alle steun en hulp, de afgelopen maanden thuis waren geweldig en ik heb er enorm van genoten.
'Partir c'est mourir un peu' maar ook de geboorte van een mooie herinnering....

Liefs Anneke

maandag 19 oktober 2009

Speculaas voor Afrika?!


De weken snellen voorbij en de dagen tot ons vertrek naar Kaapstad  worden snel minder. Gelukkig... ik vind dat ik wel genoeg gepraat, geschreven en gedroomd heb over wat ik ga doen, ik wil nu gewoon aan het werk!

Afgelopen zaterdag heb ik in samenwerking met de Albert Heijn in Hattem een mooie actie met een geweldige opbrengst gehouden om geld in te zamelen voor het werk volgend jaar. Samen met mijn vader heb ik meer dan 900 speculaasbrokken verkocht en hiermee bijna 700 euro verzameld.

Ik denk dat heel Hattem de komende weken verplicht speculaas moet eten, maar als het voor een goed doel is mag dat vast wel van Sonja ;)

maandag 28 september 2009

Hoe JIJ kan helpen...

De meeste mensen weten al wel dat het werk dat ik ga doen vrijwilligerswerk is en een blog waarin ik vroeg om donaties is dus ook onvermijdelijk. Het plaatje is de voorpagina van de folder die uitlegt wat ik ga doen, en vooral hoe JIJ me daarbij kan helpen! Als je op deze link klikt kan je de hele folder downloaden om het eens rustig na te lezen.Jaarlijks heb ik ongeveer 8400 euro nodig om in leven te kunnen blijven, een dak boven mijn hoofd te hebben en het werk goed te kunnen doen. Dit lijkt een groot bedrag maar als 70 mensen maandelijks 10 euro storten kan ik er voor zorgen dat een jonge moeder haar verhaal kan doen, dat een baby kleertjes aan heeft en dat een tienermeisje voorlichting krijgt zodat ze verstandige keuzes kan maken. Jij kunt mij dus heel eenvoudig helpen met helpen. In de folder staat goed beschreven hoe, maar voor het gemak zal ik het hier ook nog eens uitleggen.

Je kunt je gift overmaken op rekeningnummer 17800 tnv Youth for Christ o.v.v. 'voor het project Anneke Sikkema Zuid Afrika'
De donatie kan beschouwd worden als een gift en is dus voor de belasting aftrekbaar. Je kunt Youth for Christ ook machtigen om maandelijks een bepaald bedrag van je rekening te halen. Voor meer informatie hierover kan je de folder uitprinten of mij een mail sturen.

Mensen die geen Nederlands rekeningnummer hebben kunnen gelukkig ook helpen. Je moet hiervoor gebruik maken van het IBAN-nummer: NL42 PSTB 0000 0178 00 en de BIC-code van de Postbank: PSTBNL21

Ontzettend bedankt voor al jullie giften!

Groetjes
Anneke-die-er-ontzettend-veel-zin-in-heeft!

woensdag 16 september 2009

In de krant....

De tijd gaat snel en ik ben druk bezig met dingen regelen, fondsen werven en mensen uitleggen wat ik ga doen. Onderstaand artikel stond vandaag in de 'Veluweland'.

vrijdag 14 augustus 2009

Over hoe 350 strikjes het startschot voor een nieuw verhaal kunnen zijn...

Ik kan een eigen strikjesfabriek beginnen. Ik heb namelijk zonet (met behulp van mijn familie) 350 zakjes snoep van een kaartje voorzien. Deze zakjes hoop ik morgen te verkopen op de rommelmarkt om geld te verdienen voor volgend jaar.
Zoals veel mensen waarschijnlijk wel weten heb ik de afgelopen jaren veel in Afrika gewerkt. Een jaar in Kisumu (Kenya) voor de organisatie van Christ’s Hope, de twee zomers erna steeds voor een aantal maanden terug om daar weer te werken en afgelopen voorjaar heb ik mijn eindstage als verloskundige gedaan in Uganda.
In die tijd is mij meer en meer duidelijk geworden dat daar mijn toekomst ligt. Ik ben altijd een beetje voorzichtig met het woordje ‘roeping’ maar ik geloof zeker dat God mij op alle mogelijke manieren in de richting van het ontwikkelingswerk duwt.

In het laatste jaar van mijn studie ben ik daarom om me heen gaan kijken wat ik nu wilde gaan doen, waar God mij wilde hebben. Samen met mijn vriend hebben we veel gezocht, gepraat, gebeden en zijn we tot de conclusie gekomen dat het het beste is dat hij nog een master gaat doen zodat hij later, als we samen ergens in Afrika werken veel kan betekenen voor de mensen die het minder hebben. Omdat we na een jaar ver uit elkaar wonen graag dichter bij elkaar willen zijn zodat we kunnen gaan nadenken over trouwen wilde ik graag bij hem in de buurt wonen. Hij wilde graag in Kaapstad studeren en daarom ben ik in die regio op zoek gegaan naar werk. Ik wilde graag betaald ontwikkelingswerk doen maar NGO’s nemen je alleen aan als je werkervaring hebt, die ik helaas nog mis. Ondertussen ken ik natuurlijk heel wat mensen die ook als zendeling werken en iemand raadde me aan om contact te zoeken met Youth For Christ. Ik stuurde hen mijn CV op en vanaf dat moment leek het alsof alle puzzelstukjes in elkaar vielen.
Ze zijn namelijk een nieuw project aan het opstarten voor tienermoeders en hadden daarvoor een verloskundige en iemand die ervaring had met het geven van seksuele en relationele voorlichting, twee dingen die ik op mijn CV heb staan en enorm graag doe! Youth for Christ is al lange tijd actief en hebben veel verschillende projecten en internationale vrijwilligers. (http://www.yfc.org.za/) Het project waaraan ik ga werken is echter nog in de opstartfase en dit vind ik een geweldige uitdaging. De precieze details over wat ik ga doen kan ik op dit moment nog niet geven, waar als jullie meer uitleg willen of specifieke dingen willen weten mogen jullie me altijd mailen, bellen en vragen om langs te komen.
Wat ik al wel kan zeggen is dat ik enerzijds in de preventie ga werken, dus les geven over scholen om jongeren op een open en eerlijke manier, te vertellen over zwangerschap, liefde, relaties en seksualiteit. Hierbij zal de bijbel mijn leidraad en fundament zijn. Daarnaast zal ik ook met tienermoeders werken. Als een verloskundige hun zwangerschap, bevalling en de tijd erna opvolgen maar ook aandacht geven aan de sociale problematiek. Is er nog een varder in beeld en kan die in rol spelen? Hoe is de relatie met de ouders, heeft het meisje huisvesting en hoe is haar financiele situatie? Ook zullen we meisjes samen brengen met dezelfde problemen zodat ze in die groepen steun kunnen vinden bij elkaar.
In Januari 2010 zal ik er beginnen te werken. In eerste een jaar maar waarschijnlijk, zal ik dat verlengen naar twee jaar. Ik heb er ontzettend veel zin aan, het is net of alles wat ik ooit gehoopt heb, alles waar ik over gedroomd heb en alles waar ik ooit voor gebeden heb nu waar gaat worden.

Ik zal in de komende maanden mijn voorbereidingen op deze site proberen bij te houden zodat jullie kunnen meelezen, meeleven en meedenken.

Liefs Anneke

zaterdag 2 mei 2009

Slechts een hoofdstuk...

De laatste dag in Uganda, vanzelfsprekend een dag van reflectie, heel veel gedachten maar geen woorden.
De afgelopen drie maanden zijn omgevlogen. Soms had ik het gevoel dat de tijd me door de vingers gleed zonder dat ik er grip on kon krijgen, zo snel werden de uren dagen, de dagen weken en de weken maanden. Geweldige, mooie momenten en intens trieste gebeurtenissen wisselden elkaar in snel tempo af. Ik heb geleerd dat hoop en wanhoop dicht bij elkaar liggen. Ik kon machteloos aan het bed van een stervende moeder staan, en geen oplossingen zien voor het probleem van armoede en onderontwikkeling; om een uur later enthousiast aan het werk te zijn voor mijn project; er vast van overtuigd dat er een verschil te maken is. Dat de stappen die je kan nemen welliswaar klein zijn, maar dat zelfs kleine stapjes je in de juiste richting brengen.
Ik heb ook ontzettend veel geleerd en gedaan, meer dan ik ooit had durven hopen. Ik heb mijn 40 bevallingen gehaald (het zijn er overigens 79 geworden), leren hechten, leren werken in zeer stressvolle omstandigheden en vooral leren vertrouwen in mijn kunnen als vroedvrouw. Ik heb geleerd dat je geen duur materiaal en mooie ziekenhuizen nodig hebt om goede zorg te verlenen, maar ik heb ook geleerd hoe belangrijk de aanwezigheid van de basis is. Hoe frustrerend het is om te werken als je overal naar moet zoeken, hoe belangrijk organisatie is.Ach, ik kan pagina’s volschrjven met alles wat ik geleerd heb, ik kan er uren over praten en dan nog zal ik het gevoel hebben dat ik niet volledig ben.
Naast mijn schoolwerk heb ik ook het gevoel dat ik als persoon gegroeid door de ervaringen, door alle boeiende mensen die ik ontmoet heb, door het reizen, door opnieuw een bevestiging te zien dat Afrika echt de plek is waar ik graag wil werken.
Toen ik een paar jaar geleden weg ging uit Kenia en ik het daar heel erg moeilijk had schreef een vriendin ‘Anneke, dit is alleen maar een hoofdstuk dat is afgelopen, God schrijft verder aan het boek van je leven.’
Dit zal ik altijd blijven onthouden. Uganda was een hoofstuk. Een mooi, spannend hoofdstuk dat ik in één adem uitgelezen heb. Maar hier weg gaan is niet het einde, het is slechts een onderdeel van een groter geheel. De foofdstukken die volgen gaan over afstuderen, over nieuwe wegen ingaan, over leven in Zuid Afrika. Ik kijk er naar uit om mijn boek verder te ‘lezen’!

woensdag 29 april 2009

De zwaarste bevalling...



De zwaarste ‘bevalling’ die ik hier in Uganda gedaan heb was er een zonder bloed, zonder moeder en zonder baby. Maar wel een met een heleboel eten, blije gezichten en dankbare vroedvrouwen. Gisteren was lancering van ‘Midwifes Empowered!’, in de vorm van een lunch voor alle vroedvrouwen. Een lunch die me heel wat bloed, zweet en tranen gekost heeft. Een van de erfenissen van het Britse tijdperk is een zeer grote liefde en trouw aan protocollen en tradities. Het is ondenkbaar om een lunch plaats te laten vinden zonder ceremoniemeester die alles aan elkaar praat, uiteraard kan de directeur niet spreken voor een lagergeplaatste gesproken heeft en een ‘high table’ voor de belangrijke gasten zonder imposant bloemstuk betekent bij voorbaat een mislukte lunch.
Uiteraard was efficiënt denkende Anneke hier niet op voorbereid. Culturele verschillen blijken soms groter dan ze in eerste instantie lijken en ik denk dat ik heel wat mensen beledigt had als ik het in een zakelijke Europese stijl gedaan had. Gelukkig kreeg ik bij de voorbereidingen hulp van een paar dokters die me in razendsnel tempo hebben opgeleid tot feestprotocollen- deskundige, hoewel ik ze tijdens de ellenlange vergaderingen vaak tot wanhoop gedreven moet hebben. De Ugandezen verloren zichzelf graag in oeverloze discussies over de kleur van de bloemen, de vorm van de strikken en andere minieme details terwijl ik liever zag dat we praten over de dingen die er mijns inziens écht toe deden. Zij konden echt niet inzien waarom ik het zo belangrijk vond om tijd te steken in het praten over de inhoud van de verschillende speeches; praten om het praten is belangrijker dan de boodschap. En dat hebben we geweten, tijdens de lunch waren de speeches zo saai en langdradig dat ik mijn gedachten er echt niet bij kon houden, terwijl de vroedvrouwen me na afloop bedankten voor de geweldige sprekers die ik uitgenodigd had, ‘het was allemaal zo mooi en inspirerend.’
En daar ging het om, de vroedvrouwen vertelden me dat ze zich nog nooit zo gewaardeerd gevoeld hadden. Door de speeches voelden ze zich enorm bemoedigd en ze hebben hernieuwde energie om aan het werk te gaan. De dokters die gekomen waren zeiden dat ze blij waren om eens op een andere manier met de vroedvrouwen te praten,, journalisten van tv en de krant waren van de partij en iedereen was blij.
Nu hoop ik dat het eigenlijke project net zo goed zal gaan als de lancering. Aan enthousiasme vanuit het ziekenhuis zal het in ieder geval niet liggen, ik hoop dat ze dat enthousiasme vasthouden. Ik heb in ieder geval genoten, niet zozeer van de speeches, hoewel ik blij was met de moed om te gaan voor verandering die hier in doorklonk, maar vooral om alle blije gezichten, om de belofte van het begin van iets moois.
 
Nu de lunch geweest is komt het vertrek ineens angstaanjagend dichtbij, nog 4 dagen. Nog 4 nachtjes wakker worden van de gebedsoproep van de moskee, nog 4 dagen alleen koud water uit de douche, nog 4 dagen afvragen of je matoke of rijst wilt eten, nog 4 dagen de aandacht van alle mannen als je over straat loopt...  Ik zal het missen, niet die mannen, de aandacht van Hartmut is genoeg, maar alle andere dingen.... ik moet er nog niet teveel aan denken.. ik zal maar gewoon 4 dagen intens genieten!

woensdag 22 april 2009

Midwives Empowered!

De beloofde blog over een project waar ik op dit moment heel erg druk mee bezig ben.

Zwanger zijn en bevallen is nog steeds een van de grootste gevaren in het leven van een vrouw. In Europa sterft 1 op de 3000 vrouwen aan de gevolgen van een zwangerschap. In Subsahara-Afrika, waar Uganda deel van uit maak,t is dit 1 op 16. Een dramatisch cijfer waarvan ik dagelijks het bewijs zie. In Mulago sterft er om de dag een moeder aan een bloeding, aan een zwangerschapsvergiftiging of aan een andere aan haar zwangerschap gerelateerde oorzaak. Het aantal kinderen dat sterft is nog veel dramatischer. Van elke 20 bevallingen is er 1 van een al overleden kindje en veel kinderen sterven direct na de bevalling. En dit is alleen nog maar in het ziekenhuis, op het platteland is het nog erger omdat er bij acute nood geen hulp voor handen is. Moeders bevallen gewoon thuis, met de hulp van een ongetrainde traditionele vroedvrouw, of zelfs helemaal alleen. Veel vrouwen zijn namelijk bang om naar het ziekenhuis te gaan voor hulp. Bang omdat ze de kosten van het vervoer niet kunnen betalen. Maar wat nog veel erger is is dat vrouwen bang zijn voor de vroedvrouwen. De vroedvrouwen zijn niet gemotiveerd, ze slaan de patiënten, laten ze aan hun lot over of schelden ze uit. Dit komt niet omdat ze van nature slecht zin maar omdat de werkdruk zo enorm is. Er zijn veel te veel patiënten maar er is te weinig personeel, te weinig materiaal, te weinig medicatie... Kortom; er is een chronisch tekort aan alles wat nodig is om goede zorg te geven.
Bovendien worden de vroedvrouwen slecht betaald zodat ze haast gedwongen zijn om een extra baan buiten het ziekenhuis aan te nemen om de rekeningen van een gezin te kunnen betalen. Dit maakt de vroedvrouwen ongemotiveerd, overwerkt en ze hebben het gevoel dat ze niet gewaardeerd worden.

Terwijl ik hier aan het werk was zag ik dit probleem en ik vroeg me af of ik, in de korte tijd dat ik hier ben hier wat aan kon doen. Ik had allemaal ideeën maar zag er van af, vooral omdat ik er de middelen niet voor had. Tot ik op een avond ging eten met Martin Ssempa, een oude vriend waarmee ik bijna 4 jaar geleden samengewerkt heb. Hij is een invloedrijke man die veel in de media is vanwege zijn gepassioneerd gevecht tegen HIV-Aids. Toen hij hoorde dat ik stage liep op de verloskamer vertelde hij me dat het altijd zijn droom was geweest om iets te doen voor moeder en kind-zorg in Uganda. Ik had de ideeën, hij de middelen en samen zijn we aan het werk gegaan. Het resultaat is dat we ‘Midwives Empowered!’ hebben opgericht. Een organisatie die op verschillende manieren de vroedvrouwen wil helpen met het geven van goede zorg. De eerste stap is een diner met verschillende sprekers voor alle vroedvrouwen om ze te laten merken dat hun werk gewaardeerd word, dat we blij zijn met ze. Dit diner is ook gelijk de start van een nieuw project. Elke maand zal de beste vroedvrouw uitgekozen worden aan de hand van verschillende kwaliteiten. De beste vroedvrouw zal een certificaat en waardebonnen krijgen om de waardering extra te laten blijken. We hopen dat dit de vroedvrouwen kan motiveren en dat ze allemaal hun best zullen doen om dat certificaat te krijgen. Betere vroedvrouwen zal de zorg in het ziekenhuis enorm verbeteren en we hopen dat dit resulteert in minder sterfte. Als de vroedvrouwen vriendelijker zijn zal dit goed zijn voor de naam van het ziekenhuis en zullen mensen er hopelijk voor kiezen om daar te bevallen in plaats van thuis.
Dit is slechts een eerste stap, in de toekomst hopen we ook voor meer materiaal voor het ziekenhuis te kunnen zorgen, voor betere opleiding en misschien een mediacampagne om het imago van het ziekenhuis wat op te krikken.

Ik geniet echt enorm van dit werk, dit is waar mijn hart ligt. Ik heb de medische kennis nodig om dit te kunnen doen, maar dit is het werk wat ik uiteindelijk wil doen. Oplossingen zien in plaats van onoverkomelijke obstakels, pleiten voor de mensen die het zelf niet kunnen en op die manier werken aan een goede zorg voor moeders en hun baby's....

zaterdag 18 april 2009

Schreeuwende vrouwen en een olifantenslurf...

Zaterdagmiddag.
Ik ben net terug van een lange wandeling samen met een huisgenootje. We zijn naar een Bahá'í-tempel een eindje buiten Kampala gewandeld. De tempel was een oase van rust en orde. Een mooi schoon gebouw, wat al een uitzondering is hier, met een enorm, goed onderhouden park eromheen. Nadat we de tempel bekeken hadden en geleerd hebben over de zeer tolerante godsdienst die zich laat inspireren door zowel Mozes, Mohammed, Jezus, Buddha, Krishna en zich vooral richt op gelijkheid van elk individu en persoonlijke harmonie met 'het spirituele' hebben we heerlijk genoten van een luie zaterdagochtend in het gras.
Deze week was leuk en interessant. Ik heb gewerkt in het ziekenhuis van Kayunga, een dorpje ten noorden van Kampala. Het ziekenhuis was ruim opgezet en op elke afdeling had je niet alleen de patiënten, maar ook allemaal familieleden die zaten te picknicken op de grond tussen de bedden, een gezellige bedoening. Ruimte was overigens het enige dat in overvloed was. Het ziekenhuis kampt met een chronisch tekort aan ongeveer alles dat nodig is om goede zorg te geven. Geen medicatie, geen handschoenen, geen materiaal, en vooral geen personeel.
Mensen met een opleiding werken liever niet op het platteland omdat dat minder goed betaald. Dit zorgde ervoor dat ik na een dag ingewerkt te zijn helemaal alleen op de afdeling stond.15 moeders, een heleboel baby's en twee bevallingen managen is nog niet zo simpel. De kennis van het Engels van de meeste mensen reikte niet verder dan ' how are you?' en dat is toch niet echt genoeg om een bevalling te doen. De ene mevrouw die moest bevallen kon een klein beetje Engels dus de bevalling van de andere moeder heb ik gedaan met de vertalingshulp van de eerste moeder. Jammer dat de bevalling niet gefilmd kon worden want ik denk dat het een hilarische situatie was. Het is het daar namelijk heel normaal dat de halve familie mee komt kijken dus naast de vertalende moeder had ik nog een luid schreeuwende moeder, zus, schoonzus en tante die met allerlei advies voor de bevallende in kwestie kwamen, meestal helemaal tegenstrijdig aan wat ik vond dat de moeder moest doen. Het resultaat was een verwarde Anneke, een nog veel meer verwarde moeder en een hoop lawaai, gelukkig was het resultaat een gezonde baby en dat is waar het om gaat.
De laatste dag heb ik in de operatiezaal doorgebracht, ook een ervaring op zich. Alles kwam door elkaar, keizersnedes, besnijdenissen, darmoperaties. Een goeie diagnose van de ziekte voor je begint aan een operatie is blijkbaar een overbodige luxe. Ik vroeg een dokter wat hij ging dokter wat hij ging doen toen een patiënte binnen kwam maar hij was niet zeker . 'Het zal geen keizersnede worden want ze ziet er niet uit of er een baby in zit, maar voor de rest weet ik het niet.' In haar dossier stond dat ze cysten had aan haar eierstokken, maar hoe ze aan die diagnose kwamen is me nog niet geheel duidelijk. Toen de buik eenmaal opengesneden was kwamen de darmen gelijk naar buiten, zo dik als een olifantenslurf en helemaal genecrotiseerd. De dokter kon dus een heel andere operatie uitvoeren dan wat er gepland was. Iets wat in Europa, met alle dokters die elk gespecialiseerd zijn in een andere vierkante centimeter van het lichaam, compleet ondenkbaar is.
Wel heel leerzaam om te zien natuurlijk!
Ik vond het ontzettend leuk om in dat dorpje te werken, ik was graag langer gebleven maar ik ben aan het werk aan een motiveringsproject voor de vroedvrouwen waarvoor in in Kampala moet zijn.
De volgende keer zal ik daar meer over schrijven.
Liefs Anneke
PS: ik probeerde een foto te uploaden maar internet was zo tenenkrommend traag dat ik mijn poging maar stopgezet heb.

maandag 13 april 2009

Lijdzaam toekijken?

Het is al weer maandag, er is al weer een week voorbij sinds ik teruggekomen ben uit Kenia.
Normaal ben ik me nooit zo bewust van tijd, maar als ik weg ben, en mijn verblijf ergens en vooraf bepaald gegeven is dat niet langer of korter zal worden, is er iets om te tellen. Dagen, weken, maanden. Niet eens aan maand meer, nog drie weken, nog 21 dagen.
21 dagen om ten volle te genieten en veel te leren.
Het paasweekend was rustig. Lezen, film kijken, werken voor school en lekker uit eten.
Gisteren heb ik de hele dag doorgebracht met een groep van de kerk waar ik hier altijd heen ga. Het was heel erg leuk. Tijd om na te denken waarom we pasen vieren. Reflecteren op de mooie boodschap die we in de bijbel lezen. De God die ik wil dienen is niet een God van lang geleden, een God van stoffige boeken of een God van moeilijke woorden, maar een levende God die vandaag net zo actueel is als 2000 jaar geleden. Een God die van alle mensen houdt, die ons neemt zoals we zijn. Die zijn hand uitstrekt naar ons en zegt ' Kom maar bij mij, ik ben je Vader'. Een God die niet wil dat meisjes verkracht worden, een God die met tranen in zijn ogen toekijkt hoe jonge jongens hun leven moeten geven op het slagveld.

Nu ik hier ben, aan het werk met dingen die ik écht graag doe, denk ik ook veel na over hoe ik die God kan dienen. Hoe ik de talenten die Hij me gegeven heeft het beste kan inzetten. Nu, en in de toekomst. Alleen, en samen met Hartmut. Er is veel te doen in de wereld, veel onrecht, veel pijn, veel onterecht lijden. We kunnen wachten tot God dit allemaal weg neemt, we kunnen boos op hem zijn en ons afvragen waarom hij dit allemaal toelaat. We kunnen uitgebreide paasbrunchen houden, eieren eten tot we misselijk zijn en ons terugtrekken in ons eigen, veilige wereldje. Maar zijn wij niet in de wereld om met alles wat we hebben en kunnen een stukje van Gods liefde te laten zien? We kunnen meer doen dan lijdzaam toekijken!

Gisteren hoorde ik een interessante quote.. 'Some people make things happen, other people watch things happen, and some people say ' What happened?'' Ik wil bij die eerste groep horen, ik wil niet toekijken, of achteraf horen dat er iets gebeurd is. Ik wil met de dingen die ik kan, met de dingen die ik graag doe dingen laten gebeuren. Niet voor mezelf zodat ik complimentjes krijg van anderen, maar omdat ik in de mogelijkheid ben om het leven voor anderen een beetje makkelijker te maken. Omdat ik een jonge, blanke vrouw die het geluk heeft gehad een goede opleiding te kunnen krijgen.
Ik wil een instrument zijn in Gods handen, om het verschil te maken voor mensen die zelf niet over de mogelijkheden beschikken.

De komende week ben ik in Kayunga, een plaats meer naar het noorden. Ik ga daar werken in een ziekenhuis, ik ben benieuwd om te ervaren hoe het is om daar vroedvrouw te zijn en ik kijk er naar uit om weer veel te leren. Liefs Anneke

vrijdag 10 april 2009

Prinsesje...

Natuurlijk wilde ze wel even een boodschap doen voor haar moeder. Ze was tenslotte al bijna tien en vaak genoeg met mamma naar de markt gegaan. Ze had al honderden keren gezien hoe ze het spel van het onderhandelen over de prijs moest spelen en ze wist hoe ze slechte papaja's van goede kon onderscheiden.‘3 uien, een kool en melk’ herhaalde ze voor zichzelf om het maar niet te vergeten. Ze wilde mamma niet teleurstellen. Ze had wat extra shillings meegekregen om wat lekkers voor zichzelf te kopen. Terwijl ze naar de markt liep bedacht ze wat ze zou nemen. Een halve mango? Het was het seizoen en ze waren heerlijk zoet. Of snoepjes, die kon ze delen met haar vriendinnen. Ze kon het ook bewaren. Als ze dan vaker boodschappen mocht doen kon ze sparen voor een mooie armband of een nieuw potlood.
De markt was best ver. Als ze met mamma liep had ze altijd wat te kletsen, nu liep ze alleen. Een auto stopte naast haar. Een oudere man met een vriendelijk gezicht draaide het raampje naar beneden. ‘Zo jongedame, helemaal alleen op stap, waar ga je heen?’ Trots vertelde ze dat ze naar de markt ging. ‘Uien, melk en een kool, en iets kleins voor mezelf.’ De meneer zei dat haar moeder maar trots moest zijn op zo’n flinke dochter als haar. ‘Wil je niet meerijden? Ik moet toch die kant op, het is zo ver lopen.’ Ze dacht erover na, haar moeder zei altijd dat ze voorzichtig moest zijn met onbekenden, geen dingen aannemen en nooit zomaar meerijden. Maar deze meneer zag er zo vriendelijk uit, en de markt was nog ver. Als ze mee zou rijden zou ze er sneller zijn, en dan kon ze langer over de markt lopen, wat ze zo leuk vond. ‘Kom maar..’ moedigde de meneer haar aan. En ze bedacht zich niet meer. Ze wilde achterin de auto stappen maar de meneer gebaarde dat ze voorin mocht zitten. Een mooie, zachte stoel. Ze kon met haar benen net bij de grond. Ze had nog nooit eerder voorin een auto gezeten en ze genoot van het uitzicht. De radio stond aan, ze kende de liedjes niet maar het klonk vrolijk. De meneer vroeg haar van van alles. In welke klas ze zat, waar ze naar school ging, wat haar lievelingsvak was. Hij dacht dat zo’n leuk meisje als haar wel veel vriendinnetjes zou hebben.
Voor ze het wist waren ze bij de markt. Ze vond het jammer, het ritje was fijn. De meneer vroeg of ze niet nog even mee ging om wat te drinken in een hotel een eindje verderop, hij zou haar wel terug naar de markt brengen, en als het moest zelfs naar huis. Mamma’s waarschuwing schoot door haar hoofd en de meneer zag haar twijfelen. ‘ Je moeder heeft je zeker verteld dat je niet met vreemden mee mag gaan. Mijn naam is Charles. Zo, nu ben ik geen vreemde meer. Kom, ga toch mee, je bent zo’n leuk meisje. Als ik een dochter had zou ik willen dat ze was zoals jij. Zo’n slim, mooi meisje’. Ze glom van trots, en de meneer had gelijk, hij was nu al geen vreemde meer, ze kon best even met hem mee gaan. Als het lang duurde zou ze wel tegen mamma zeggen dat ze een vriendinnetje tegen was gekomen. En bovendien, iets gaan drinken in een hotel had ze nog nooit eerder gedaan. Charles reed een eindje verder tot ze bij een hotel waren waar ze al wel eens langs gelopen was. Het hotel had een mooi terras met veel planten en grote tropische bloemen. Charles parkeerde de auto en een beetje verlegen liep ze achter hem aan. Ze wist niet zo goed hoe ze zich moest gedragen op een plek als deze, huppelen leek haar niet gepast hoewel ze daar best zin in had. Charles gaf haar een knipoog en stak zijn hand uitnodigend naar haar uit. ‘Kom jongedame, ik wil je iets laten zien’. Hij gebaarde naar de meneer achter de balie en deze stak zijn duim op, als een teken dat het oké was. Charles kwam hier blijkbaar vaker en dat gaf haar een vertrouwd gevoel, hij wist wat hij deed. Samen liepen ze een grote trap op, erboven hing een mooie kroonluchter. De trap eindigde in een lange gang met ontelbaar veel deuren. Sommige deuren stonden open en terwijl ze er langs liepen zag ze dat meisjes er aan het schoonmaken waren. Charles stopte bij een deur en zwaaide hem open. ‘Treed binnen prinses.’ Ze giechelde.
De kamer was mooi, in het midden stond een groot bed, en er was een klein zitje en een bar. Charles deed de koelkast open, ‘ Wil je sap of liever cola?’. Ze durfde bijna niet te gaan zitten, haar kleren waren een beetje vuil en ze zou de mooie stoelen vies maken. Charles liep terug naar de deur en deed hem op slot. ‘Ik wil niet dat dieven mijn mooie prinsesje stelen.’ Weer moest ze lachen maar ineens zag ze hoe de uitdrukking in zijn gezicht veranderde. Hij keek niet meer zo vriendelijk, eerder of hij iets van haar wilde hebben. ‘Drink je cola op’. Ze gehoorzaamde hem. Ze stond nog steeds en wilde net gaan vragen of ze mocht gaan zitten toen ze zag hoe Charles zijn shirt en broek uittrok. ‘Trek je jurk uit, ik wil je bekijken’ zei hij. Ze keek hem verbijsterd aan, meende hij dat? Hij liep op haar af, pakte haar drinken uit haar hand en zette het op tafel. Hij begon aan haar jurk te frunniken. Ze begon te huilen, dit wilde ze niet. Wat was hij van plan? Hij gaf haar een klap in haar gezicht. ‘Wat had je dan gedacht, dat je dit allemaal zo maar kreeg? Hou op met huilen en trek je jurk uit.’ De klap deed pijn en maakte haar bang, ze besloot dat ze het maar beter kon luisteren en trok gedwee haar jurk uit. Nu werd Charles nog ongeduldiger. ‘Trek je ondergoed ook uit’ Maar het ging hem niet snel genoeg. Terwijl hij het zei begon hij er zelf al aan te trekken. Ze keek naar de grond, hopend dat het snel afgelopen zou zijn. Dat ze haar jurk weer aan mocht trekken. Ze zou snel naar de markt hollen, haar boodschappen doen en naar huis gaan. Dit allemaal snel vergeten. Ze was naakt en voelde zich kwetsbaarder dan ooit. Vanuit haar ooghoek zag ze hoe Charles al zijn kleren uit trok terwijl hij haar bekeek. Ze had nog nooit eerder een naakte man gezien en het maakte haar bang. Hij pakte haar vast, gooide haar op het bed en drukte zich tegen haar aan. Zijn handen en lippen waren overal. Ze probeerde tegen te stribbelen maar Charles was sterk. Plotseling was daar een felle pijn, ze gilde. Ze had het gevoel dat een mes haar onderbuik in tweeën sneed. Charles bewoog woest op en neer, en iedere keer had ze het gevoel verscheurd te worden.
Ineens was het afgelopen, Charles kreunde, rolde van haar af en bleef stil op het bed liggen. Ze kwam omhoog, alles deed pijn. Op het bed zag ze bloed liggen, haar bloed? Ze kon haar tranen niet bedwingen. Ze had het gevoel dat er iets kostbaars van haar afgepakt was. Charles keek haar aan met een wrange glimlach. ‘Ja meid, nu weet je het. Dit is wat mannen met vrouwen doen, wat ze altijd gedaan hebben en altijd zullen blijven doen. Je ouders doen dit, je buren doen dit, je leerkracht op school doet het. Nu weet je wat het is en ben je voorbereid. Wees me maar dankbaar dat ik je deze les geleerd heb. Nu moet je weggaan, ik wil slapen.’ Terwijl hij dit zei duwde hij haar door de deur naar buiten. Met een klap viel deze achter haar dicht. Verwarder dan ooit zakte ze door haar benen op de grond en terwijl ze daar zat met haar rug tegen de muur begon ze te huilen, ontroostbaar. Haar lichaam deed pijn en ze voelde zich vies. Als dit is wat mannen doen wilde ze nooit trouwen. Ze zou zelfs geen man meer aankijken.

Deze week vertelde ze het aan mij, het is nu meer dan 15 jaar geleden. Ze was nog altijd bang, bang voor mannen, bang om een relatie aan te gaan want dan zou ze onvermijdelijk weer door die hel van pijn, van angst, van het gevoel verscheurd te worden moeten gaan. Bang voor ziekten die Charles haar misschien gegeven had. Soms zag ze hem, een oude man. Op een dag zag ze hem hand in hand lopen met een klein meisje, haar hart brak, ze wilde alles doen om dit kleine meisje te redden van zijn grijpende handen, zijn gulzige lippen. Ze volgde de twee tot ze ineens het kleine meisje hoorde praten. ‘Opa, gaan we hierna nog even wat drinken.’ Charles had moeten lachen, ‘ Ja mijn lieverd, en daarna moeten we naar mamma, ze zal ongerust zijn.’ Zijn lach voelde als een stomp in haar maag, zijn leven was doorgegaan, zijn kinderen hadden kinderen gekregen, hij wist waarschijnlijk niet eens meer wie ze was. Terwijl hij van haar alles had afgepakt wat hij kon, haar eigenwaarde, haar moed om te dromen, haar trots. Was zij de enige geweest? Of was ze slechts een in de rij van velen? Niet meer dan een pleziertje op een vrije middag. Prinses, had hij haar genoemd, hij had gezegd dat ze mooi en slim was. Ze was boos op Charles maar vooral op zichzelf. Slimme meisjes gaan niet met vreemden mee, slimme meisjes luisteren naar hun moeder.

Dit verhaal is misschien hartverscheurend, maar helaas niet uniek. Wereldwijd verwijten miljoenen meisjes zichzelf dat ze niet naar hun moeder geluisterd te hebben. Of ze zijn het slachtoffer van het feit dat ze geen moeder hadden om hen te beschermen. Miljoenen meisjes voelen zich waardeloos, vies en gebruikt en kunnen zich nooit meer ten volle aan een man geven zonder herinnerd te worden aan het verleden. Ik sluit mijn verhalen graag af met een positieve toon, maar ik weet niets positiefs te zeggen, ik weet geen oplossingen, ik heb geen goed nieuws. We kunnen alleen maar bidden, dat God alle vrouwen beschermt en dat de mannen stoppen met het hebben van het krankzinnige idee dat vrouwen lustobjecten zijn die je kan nemen wanneer je er zin in hebt...

dinsdag 7 april 2009

Ruzie om een begrafenis...

Gisteren ben ik terug gekomen in Kampala, 14 uur in de bus langs adembenemende landschappen, zebra’s, apen en wrattenzwijnen. Nog 4 weken hier werken en dan zit het er al weer op. De tijd vliegt.
 Nu nog even een blog over de Kenianen... ik zal ze nooit helemaal begrijpen.
De oom van een vriendin van mij is twee weken geleden overleden. Mijn vriendin ging er op bezoek om te condoleren en omdat ik bij haar was ging ik mee. Zoals bij bijna alle sterfgevallen die ik hier heb meegemaakt leek het meer een groot verjaardagsfeest dan een verdrietig rouwen. Eten was ingeslagen, kippen werden geslacht en de keuken was vol met kokende vrouwen die elkaar luid lachend de nieuwste roddels vertelden. Buiten zaten de mannen met een kop thee de politiek te bespreken en tussendoor renden de kinderen achter de nog levende kippen aan. Het was een groot eetfestijn, en zoals de traditie voorschrijft zou dat nog minstens twee weken duren, tot de begrafenis. De begrafenis is de kroon op al dit werk, meer eten dan een heel dorp op kan, luide muziek, en een feest tot diep in de nacht. Veel mensen worden dronken en in Luo-land wordt wel eens gekscherend gezegd dat iedere begrafenis leidt tot de volgende. Het tragische is dat veel families geen cent willen uitgeven aan mensen als ze nog in leven zijn, ik heb vaak genoeg wanhopig bij een AIDS-patiënt aan het bed gestaan waar de familie geen vinger uitstak. Maar zodra de persoon is overleden is geen shilling te veel.
De voorbereidingen voor de begrafenis van de oom van mijn vriendin waren in volle gang. Deze zou op zaterdag plaatsvinden, hij zou begraven worden in zijn eigen tuin, iets wat vaak gebeurd, stoelen en tenten waren geregeld en er was al een start gemaakt met het koken van een feestmaal. Tot op donderdag ineens de familie van zijn moeders kant op de stoep stond met een brief van de rechtbank. Ze waren naar het gerecht gestapt om de rechten voor het lichaam op te eisen. Hij moest begraven worden in het dorp van zijn moeder, ‘waren ze die traditie helemaal vergeten’? Alsof een sterfgeval nog niet erg genoeg is is er nu een familieruzie ontstaan over waar het lichaam begraven moet worden. De voorbereidingen werden stopgezet, het lichaam verhuisde terug naar het mortuarium, waar het zal blijven tot de familie is uitgeruzied.    
En dit kan nog een hele tijd duren. Mijn vriendin was enigszins beledigd toen ik een beetje moest lachen om haar verhaal. Dit was namelijk niets, het kon nog veel erger. Ze vertelde over een familie waar de begrafenis wal achter de rug was. Na een week kwam ineens een onbekende tak van de familie het lichaam opeissen, het lichaam werd weer opgegraven en terug naar het mortuarium gebracht. Daar heeft het meer dan een jaar gestaan voordat de familie het eens was over de plaats waar het lichaam begraven moest worden. De ruzies hebben vooral economische redenen. Aangezien een begrafenis met zo veel geld en eten gepaard gaat is het voor een gemeenschap heel gunstig als er een begrafenis is. Bovendien blijft er altijd veel eten over wat er voor zorgt dat de familie de eerste weken geen eten hoeft te kopen.
Dit zijn gedeeltes van de cultuur die ik nooit zal snappen. Als mensen zich zo blijven bezighouden met de dood, in plaats van zicht richten op het leven zullen ze nooit een stap vooruit komen. Bovendien zijn we niet gemaakt voor de dood, maar voor een eeuwig leven!

woensdag 1 april 2009

Een nieuwe pet?

Gisteren liep ik door Nairobi, waar ik nu voor een week werk. Ik doe dit bij Edward, de pastor waar ik vorige zomer ook een maand gewerkt heb. Om van mijn werk naar Edwards huis te komen moet ik verschillende mtatu’s nemen en een behoorlijk eind lopen om over te stappen. Het regende pijpenstelen. Mijn sjaal had ik als hoofddoek om me heen geslagen om niet té nat te worden en in gedachten verzonken passeerde ik de kraampjes langs de rand van de sloppenwijk. De verkopers waren druk bezig om hun handeltjes veilig te stellen en het was een van de zeldzame dagen dat de mensen het te druk hadden om mij als blanke aan te staren of na te roepen. Ik dacht aan de supportgroepen die ik bezocht had en waar ik had les gegeven. Kleine groepen HIV-positieve vrouwen die wekelijks samenkomen om elkaar te ondersteunen. Ze babbelen over hun dagelijks leven, praktische moeilijkheden die ze tegenkomen in verband met hun ziekte en ze bemoedigen elkaar. Ook hebben ze samen een handeltje. Thuis werken ze aan sieraden, gemaakt van kralen en zaden die ze verkopen om aan geld te komen. Terwijl ik dacht aan de problemen van deze vrouwen bleef de regen stromen en werden de straten steeds modderiger en onbegaanbaarder. Vorige week schreef ik nog hoe welkom regen zou zijn, maar wat voor de een een zegen is is voor de ander een vloek. In de sloppenwijken wordt het leven ontzettend moeilijk na een flinke regenbui. De steegjes tussen de huizen veranderen in modderstromen, alles is nat en vies en veel mensen worden ziek.
Opeens werd ik opgeschrikt door een jongetje dat uit het niets opdook. Opvallend was zijn mooie, witte pet. Een groot contrast met de rest van zijn outfit. Geen schoenen, gescheurde kleren en een vies gezicht. Duidelijk een jongetje van de straat. Hij wees met een pijnlijk gezicht naar zijn buik, ‘Mzungu, mzungu, geef me eten, ik heb honger.’ Ik had geen eten bij me, en het enige geld dat ik nog op zak had was was om de bus te betalen. Ik schudde mijn hoofd en zei dat het me speet, dat ik niets voor hem had.
Toen leerde dit kleine ventje mij een belangrijke les, de les van het geven. Geven, niet om er zelf beter van te worden, maar geven om het geven.
Terwijl hij me nog eens aankeek trok hij zijn pet, het mooiste wat hij had, van zijn hoofd en zei ‘ Mzungu, je wordt helemaal nat, hier heb je mijn pet...’

vrijdag 27 maart 2009

Mooi en romantisch?!

Ik ben een week in Uyoma geweest, een stukje Kenia waar de tijd heeft stil gestaan. Waar water nog gewoon uit het meer komt en niet uit de kraan, waar de dag ophoudt als de zon onder is omdat het dan donker is en waar telefoons hun intrede nog moeten doen.
Ik ben helemaal tot rust gekomen. Slapen onder de sterrenhemel, wakker worden met het gekwetter van de vogels, en vers gevangen vis eten, gebakken op een vuurtje...
Mooi en romatisch...

Maar stel je eens voor dat je daar altijd woont.
Het leven is hard, AIDS is overal, voor meisjes is er geen geld om naar school te gaan dus rest hen niets dan jong te trouwen en kinderen krijgen, veel kinderen. Maar geld om hen te kleden, geld om eten te kopen is er niet. De afgelopen dagen was er maar een vraag belangrijk, ‘wanneer komt de regen?’. Hoewel Uyoma aan het meer ligt is het er erg droog. Groen gras er niet meer te vinden en de graatmagere koeien worden geslacht, voor ze uit zichzelf dood gaan. Veel boeren hadden al gezaaid, in afwachting van de regen die normaal al aan het begin van de maand komt. Door de droogte is de oogst nu bij voorbaat al mislukt en geld voor nieuw zaad is er niet. Bovendien ligt de generatie die zou moeten werken ziek op bed vanwege AIDS. Het zijn de kinderen, de oude vrouwen, de mannen die heel hun leven al gezwoegd hebben die het werk moeten doen.

Mooi en romantisch he?!

Ik ben ook terug geweest naar Sarah Obama, de grootmoeder van Obama. Het leven van de arme vrouw is volledig veranderd nu Obama president is. Van gewone vrouw tot toeristische attractie. Constante politiebewaking, hoge hekken om haar huis en voortdurend mensen die in haar tuin kamperen. Zelf leek ze wel te genieten van alle aandacht, maar ze vertelde ook dat ze soms eens gewoon alleen wilde zijn, gewoon werken op het land, haar kippen voeren en kletsen met haar vriendinnen. Ik kan het me voorstellen.

Ik ga zo eten, en even genieten van het relatief snelle internet.
Liefs Anneke

zaterdag 21 maart 2009

Van Kampala naar Kisumu...


Deze foto heb ik vorige week genomen, de Kampalakant van het Victoria-meer. Vanochtend heb ik rondgevaren op de Keniaanse kant. Ik ben namelijk terug in Kisumu!
Het is fijn om even weg te zijn van Kampala, niet omdat ik het daar niet naar mijn zin heb. Maar omdat iedere dag moeders en baby's zien sterven, en soms alleen maar machteloos toekijken niet gemakkelijk is. Nu kan ik alles even van me afzetten en nadenken.
Ik ga deze week samen met een vriendin een week werken in een dorpje, ver weg van de 'ontwikkelde wereld', les geven over seksualiteit en relaties.
Als ik terug kom zal ik er meer over schrijven.
Liefs
Anneke

dinsdag 17 maart 2009

Bang voor de buren?


Een kat springt behendig van het dak van een sloppenhuisje naar de muur, tussen het prikkeldraad door en dan op het balkon. De kat kan het wel, zo van de ene wereld naar de andere. Van de sloppenwijk naar de wereld van de upperclass-studenten. Simon ziet het en droomt over de dag dat hij dat ook kan. Hij kijkt omhoog naar de grote muur, te hoog om overheen te klimmen en het prikkeldraad ziet er gevaarlijk uit. Bovendien zijn er vijf bewakers die de studenten, en al hun bezittingen moeten beschermen. Hij ziet de studenten vaak rondlopen, ze hangen hun was op, staan wat op het balkon te kletsen of staren in de verte. Sommigen zwaaien wel eens of glimlachen vriendelijk. Als Simon en zijn vrienden in een gekke bui zijn spreken ze de studenten aan, dan maken ze grappen of ze doen een dansje. Vooral de blanke studenten vinden dat grappig, die maken dan meestal een foto. Hij vraagt zich af hoe het zou zijn om aan de andere kant van de muur te wonen. 'De goede kant', zegt zijn moeder 'Als je aan die kant woont wordt je dokter, of politicus. Als je aan die kant woont word je rijk'. 'De slechte kant', zegt zijn oom, 'de mensen die aan die kant wonen zijn rijk door corruptie, en die rijkdom die ze van ons gestolen hebben gebruiken ze alleen voor zichzelf, delen zit er niet bij'.
En allebei hebben ze wel een beetje gelijk.

Ik ben een van die studentes die lacht en zwaait, die af en toe een foto maakt en met de jongens praat. Maar als ik weg ga doe ik de deur van mijn balkon op slot, bang dat die jongens toch de gevaarlijke muur over klimmen. Bang dat die jongens mijn zorgvuldig bijeengespaarde, en uit Europa meegebrachte 'comfortzone' binnendringen en mee zullen nemen.
Geld maakt niet gelukkig, geld maakt angstig. Geld en bezit zorgt ervoor dat je bang moet zijn voor je buren. Dat je muren moet bouwen om mensen tegen te houden, in plaatsen van deuren om mensen binnen te laten.
Zo zou het niet moeten zijn, maar zo is het wel. En wat doe ik? Ik zwaai, ik glimlach en denk erover na. Denk na over hoe oneerlijk het is, over hoe het anders zou moeten, over wat er allemaal zou moeten gebeuren. Als wij, rijke mensen, niet uit onze comfort-zone durven stappen naar de mensen die het minder hebben zal er nooit echte verbroedering komen. Dan kunnen we nog zo hard roepen dat de wereld een ‘global village’ is, het blijft het een ‘wij’ en ‘zij’. Dan zullen we altijd in angst blijven leven. Want zij kunnen niet naar ons komen. Niet omdat ze niet willen, maar omdat wij grote vestingen om ons veilige leventje gebouwd hebben.

Daarom wil ik zijn als Jezus, Hij hoefde zijn spullen niet te beschermen. Hij leefde niet met een ‘nooit genoeg'-mentaliteit maar vanuit de vraag ‘wat kan ik de ander bieden?’.
Dat wil ik ook, Jezus zegt ons ‘Barhartigheid wil ik, geen offers’.
Niet omdat het moet, maar omdat het mag!

woensdag 11 maart 2009

Eeuwigdurende liefde...

Dag mooi blank meisje, wil je met me trouwen? Ik ben ongeveer net zo groot als jij.
Oh, je vindt dat geen goede reden? ik kan ook heel lief zijn, en goed chapati's bakken.

Ik zal wel gek zijn dat ik niet in ga op dergelijke aanzoeken, wie wil er nou niet een knappe afrikaanse man die net zo lang is als ik en bovendien zegt dat hij goed kan koken?
Misschien komt het doordat we hier de keuze hebben. Als blanke vrouw verkeer je hier in de luxe positie dat iedere man zijn uiterste best doet om een goede indruk te maken. Van medestudent tot dokter, van bewaker tot broodverkoper. Goed voor je zelfvertrouwen, dat wel.
Ik begin bijna te geloven dat ik inderdaad het mooiste, grappigste en liefste meisje ben dat er op aarde rondloopt. Totdat ik de man die me 5 seconden geleden eeuwigdurende liefde verklaarde hetzelfde hoor zeggen tegen Renee of Evelien. Eeuwigdurend betekent hier blijkbaar iets anders.
Trouw zijn ook, de meeste getrouwde mannen houden er een minnares op na. Ze worden 'sugardaddy's' genoemd. Oudere, meestal getrouwde mannen die jonge studentes overladen met cadeau's en aandacht in ruil voor seks. De overheid voert hiertegen campagne maar veel lijkt het niet te helpen, 's Avonds laat zie ik vaak dat meisjes uit ons ons hostel gedropt worden door een man met een dure auto. Dit is voor hen de manier om mee te kunnen doen in de eeuwige concurrentiestrijd die ook hier de vrouwen niet vreemd is. De mooiste kleren, de mooiste tas, het mooiste kapsel, je moet er wat voor over hebben als je het geld niet hebt.
De jongens in ons hostel klagen heel wat af over de ugandese meisjes, ze zijn veeleisend, jaloers en hebben geen respect. Ze hebben nog niet het geld om de meisjes alles te geven wat hun hartje begeert en zijn daarom geen aantrekkelijke partij. Of dat waar is kan ik niet zeggen, de meisjes zelf praten niet met ons, waarschijnlijk zien ze iedere blanke vrouw als een rivaal op het gebied van de mannen waar je best met een grote boog omheen loopt.

Naast mijn dagelijkse teleurstelling in de 'Ugandese man en zijn niet bestaande trouw' gaat het goed met me. Het werk is interessant, soms emotioneel zwaar vanwege de vele dingen die er mis gaan maar ik leer veel. En buiten het werk om is er ook genoeg te doen, afgelopen weekend ben ik naar een theateravond van de Nederlandstalige inwoners van Kampala geweest, erg grappig! Komende vrijdag gaan we voor een weekend weg naar de Sipi-falls, volgens zeggen de mooiste en meest romantische watervallen van Uganda. En de vrijdag erna ga ik voor twee weken naar Kenia, ik kijk er erg naar uit om mijn vrienden weer te zien. Genoeg leuke vooruitzichten dus!

Heel veel liefs... Anneke
PS: voor de mensen die zich zorgen maken, ik ben niet van plan het begrip 'eeuwige trouw' uit mijn woordenboek te schrappen. Hartmut kan op me rekenen...

vrijdag 6 maart 2009

Smurven en reanimaties...

Ik heb de veertig gehaald! Dinsdag al, dus daarna heb ik al heel veel meer bevallingen gedaan. Heel veel meer ervaringen op kunnen doen en heel veel meer kunnen leren.
Deze week zijn er heel wat dramatische bevallingen geweest, lang persen zonder resultaat, foetussen met slechte harttonen, reanimaties en moeders die uiteindelijk bevallen in de ambulance. Soms voel je je dan heel machteloos, je zou zo veel meer willen doen maar het gaat niet. Maar aan de andere kant kan ik ook ontzettend veel leren van het improviseren van de vroedvrouwen hier. Met weinig materiaal kunnen ze vaak toch goede zorg geven.Iets wat ik enorm knap vind.
Op de afdeling lopen ook allemaal lokale student-vroedvrouwen rond. De smurven, zoals we ze noemen, vanwege hun ouderwetse blauwe jurkjes en witte verpleegstershoofdkapjes. Soms lieve, naïeve meisjes, soms oudere vrouwen die al jaren als vroedvrouw werken maar nu pas echt aan een opleiding toekomen. Als ik met hen praat besef ik pas wat een voorrecht ik heb om in Europa goed onderwijs te krijgen. Hier krijgen ze wel les maar uiteindelijk moeten ze de theorie opdoen in de praktijk, ze worden niet echt begeleid en leren dus alleen wat ze zelf willen. Je moet dan wel heel gemotiveerd zijn, altijd de juiste vragen stellen en dan ook nog eens het geluk hebben om bij een vroedvrouw te staan die je veel wil uitleggen om ook echt een goede vroedvrouw te worden.
Zo krijg je soms derdejaars smurven die vragen hoe je nu eigenlijk een wee voelt of die denken dat de enige manier om een moeder naar je te laten luisteren is door haar te gaan slaan. Eerst vond ik dat allemaal heel raar maar nu ik besef wat de kwaliteit van hun opleiding is heb ik vooral medelijden met ze, ze leren van de voorbeelden die ze krijgen maar als die niet goed zijn kan je ze niet kwalijk nemen dat ze het zelf soms niet weten.
Want er gebeuren veel rare dingen. Ik heb al vaak vol afschuw gekeken hoe een moeder die niet hard genoeg perste geslagen werd. Of met verbazing geluisterd naar een heftige scheldpartij van een vroedvrouw die de moeder verweet dat haar baby waarschijnlijk wel dood zou zijn, omdat ze niet helemaal deed wat de vroedvrouw wilde.
            De vroedvrouwen in de ziekenhuizen staan er wel een beetje om bekend dat ze nogal graag schelden en ook de handjes los hebben zitten. Dit is voor veel moeders een reden om thuis te bevallen, met een ongeschoolde, maar begripsvolle traditionele vroedvrouw. Niet altijd even veilig, maar wel begrijpelijk.
Ik vind in België dat we de moeders soms een beetje te veel in de watten leggen, maar hier is het andere uiterste. Ik hoop dat ik de zorgende houding nooit verleer, een patent slaan of uitschelden mag nooit! Wat de omstandigheden ook zijn....
Het gaat overigens heel goed met me, Evelien, een vriendin die hier vorig jaar stage heeft gelopen is bij me op bezoek en het is erg leuk om samen met haar dingen te ondernemen, vrienden van haar van vorig jaar op te zoeken en om gewoon te babbelen. Ook alle boeken die ze mee heeft zijn fijn, ik had de mijne al lang uit dus iets nieuws was zeer welkom. Gisteren was er trouwens nog een andere leuke verassing, een paar kaarten bij de post! Heel erg bedankt, post is zo leuk!
Heel veel liefs, Anneke

maandag 2 maart 2009

Ontspanning met een heleboel adrenaline


Ik heb de afgelopen week hard gewerkt en dat resulteert in een bevallinstussenstandstand van 37/40. Nog 3 te gaan dus deze week zal ik mijn 40 halen en vakantie kunnen gaan vieren….
Nee, dat is niet waar, bovendien heb ik het afgelopen weekend vakantie gevierd zoals je op bovenstaande foto kan zien. Ik ben met Renée en twee andere huisgenoten gaan raften op de Nijl in Jinja. Het was geweldig, adembenemende natuur, adrenalinekicks tot en met als de boot weer eens net wel of net niet omsloeg in een hoge golf en heerlijke ontspannen momenten peddelen tussendoor. Zo’n buitenlandse stage is zo gek nog niet...

woensdag 25 februari 2009

Mag armoede altijd een excuus zijn?

Ik hou van het leven in Uganda, ik hou van de mensen hier en ik hou van de levensvreugde. De mensen lachen, problemen lijken ver weg en we leven met de dag. Maar in sommige situaties kan je je die ontspannen houding niet permitteren. In sommige gevallen gaat het om leven en dood en dan moet er gehandeld worden.

En dan is die ontspannen houding heel frustrerend. Afgelopen maandag stond ik op de laag-risico verloskamer. Een mevrouw was in arbeid en toen ze bijna volledige ontsluiting had voelde een van de vroedvrouwen dat de navelstreng voor het hoofdje zat. Als het hoofdje dan verder in gaat dalen klemt het de navelstreng af en krijgt de baby geen zuurstof meer. Dit is natuurlijk heel gevaarlijk. Gelukkig waren de vliezen nog niet gebroken dus er was nog tijd om te handelen, maar absoluut niet om te treuzelen. Het ziekenhuis bestaat uit een nieuw hoofdgebouw, waar onder andere de hoog-risico verloskamer en de operatie zalen zijn en uit een oud gedeelte dat op een heuvel ligt.
De ambulance werd gebeld om mevrouw naar beneden te rijden en na een half uur later was deze eindelijk ter plaatse. Mevrouw werd op handen en knieën, om verdere indaling te voorkomen, op een brancard zonder wielen gehesen en de tocht naar beneden kon beginnen. Tijdens de hobbelige rit puften mevrouw en ik wat af om de weeën op te vangen en toen we eindelijk bij de eerste hulp waren stonden er zo veel auto's en mensen voor dat we een heel eind met de brancard moesten slepen. Allemaal verloren tijd. Toen we eindelijk in de verloskamer waren werden we, samen met onze brancard zonder wielen met daarbovenop een puffende mevrouw die het echt niet lang meer kon uithouden, van het kastje naar de muur gestuurd. Dokter nummer een stuurde ons naar een verloszaal. Waar dokter twee ons vervolgens naar de operatiezaal stuurde voor een keizersnede. Daar aangekomen was er geen plaats want er zou een spoedgeval komen. Hoezo, wij waren toch een spoedgeval? Na een hoop heen en weer gebel mogen we naar de gewone gynaecologie-operatiezaal gaan, die nota bene helemaal aan de andere kant van het ziekenhuis is. Mevrouw is nog steeds op handen en knieën aan het puffen maar laat steeds duidelijker merken dat ze het niet meer ziet zitten. Terwijl we de brancard naar de operatiezaal tillen zie ik ineens een enorme vlek op mevrouw haar laken, slecht nieuws, de vliezen zijn gebroken en we mogen nu echt geen minuut meer verliezen want de druk op de navelstreng zal vanaf nu alleen maar toenemen. Ik heb geen handschoenen bij me om het hoofdje terug naar binnen te duwen maar gelukkig zijn we bijna in de operatiezaal. Eenmaal daar worden we voordat we ook maar kunnen vertellen waarvoor we komen uitgescholden dat we zo binnen stormen en de rust verstoren. We mogen mevrouw niet meer aanraken want we zijn niet steriel maar terwijl ze het laken weghalen zie ik hoe de navelstreng naar buiten hangt. Ik probeer duidelijk te maken dat iemand het hoofdje naar binnen moet drukken om te zorgen dat de bloedstroom doorgankelijk blijft maar het mag niet baten, we worden naar buiten gestuurd. Door een raam zie ik nog hoe mevrouw zelf op de operatietafel moet klimmen, terwijl de dokters uiterst ontspannen en lachend om elkaars grapjes zich rustig omkleden om de keizersnede uit te voeren.
Voor wat... Voor een baby met onherstelbare hersenschade? Voor een baby die misschien niet eens meer in leven is? Frustrerend om te zien hoe veel fouten er gemaakt worden, als iedereen op de juiste manier zou ingrijpen bij een noodgeval en de ernst van een situatie goed zou kunnen inschatten zouden er heel wat levens gered kunnen worden.

De eed van Hippocratus die alle dokters zweren als ze afstuderen houdt onder andere in dat je altijd je uiterste best doet om de patiënten het beste te geven. Soms kan dat hier niet, vanwege te weinig materiaal of een tekort aan kennis. Maar schade vanwege een te ontspannen houding is onnodig en moet absoluut voorkomen worden. Armoede mag daarvoor geen excuus zijn!

PS: De bevallingstussenstand is 29/40!!

zaterdag 21 februari 2009

Over wapperende was en moeilijke operaties...


Renée en ik hebben net heel huiselijk de was gedaan die nu vrolijk op ons balkon hangt te wapperen. De felle zon zorgt er voor dat het binnen een mum van tijd droog is, ideaal!
Ik kan me niet voorstellen dat er al weer een week voorbij is. Ik heb het hier zo goed naar mijn zin (behalve hier en daar een ik-mis-Hartmut-uitbarsting) dat de tijd vliegt. De afgelopen week heb ik veel gezien en veel geleerd. 2 dagen gynaecologische spoedgevallen. Zoals ik maandag al schreef, veel vrouwen die komen met de gevolgen van een illegaal uitgevoerde abortus. De rest van de week hebben we op antenatal gestaan. Dat is de afdeling waar zwangere moeders komen om hun zwangerschap te laten controleren. In sneltreinvaart weliswaar. De gang zit zo vol dat je geen tijd hebt om de moeders uitgebreid de tijd te geven zoals we gewend waren vanuit België. Tong uitsteken, niet té bleek dus geen medicijnen voor anemie. De borsten voelen normaal, de buik is van normale grote voor de duur van de zwangerschap, de baby beweegt, luisteren naar de harttoontjes met een pinard, ik hoor ze dus het zal wel goed zijn, en de volgende moeder staat al weer half ontkleed in de onderzoekkamer. Privacy is ver te zoeken. Maar het lijkt de moeders niet te hinderen, ze zijn veel te blij met de gratis aangeboden controle en de gratis medicijnen.
Gisteren hebben we de hele dag op de operatiezaal gestaan, leerzaam en tragisch. Een vrouw van 24 die haar baarmoeder verloor na de uitvoering van een illegale abortus. Deze baby heeft niet mogen leven, maar hierdoor zal ze nu nooit meer leven kunnen geven aan een kindje. Er kwamen heel wat dingen voorbij die ik eigenlijk alleen kende uit de boeken. Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, een molazwangerschap, een fibroom ter grote van een baby.... interessant!
Shockerend is het gebrek aan materiaal, met drie operatiekamer in gebruik en maar een aspiratiemachine waren we er bijna getuige van hoe iemand stikte in haar eigen overgeefsel. Het leven lijkt ook minder waard, de anesthesist merkte droogjes op dat we het leven van de betrokken patiënt aan het riskeren waren en ging verder met wat hij aan het doen was.
Die houding kom je trouwens vaker tegen, geneeskundestudenten zijn blij dat ze in Mulago werken, dan kan je mooi ‘oefenen’ op patiënten. Nog nooit een operatie gedaan? Dat maakt toch niet uit, je oefent er maar rustig op los met deze patiënt. Ik hoop dat deze houding mij niet laks gaat maken, dat ik altijd respect voor de patiënten houd, nooit de privacy uit het oog verlies en zo weinig mogelijk inlever op het gebied van hygiëne.
In de avonden heb ik gelukkig ook tijd voor ontspanning. Bij ons hostel zitten altijd wel mensen buiten, dus er is altijd wel iemand voor een babbel. Gisteravond ben ik met een jongen die hier ook woont Kampala in geweest, leuk om ook die kant van het leven hier te zien! We hebben bij Ugandese verloskundestudenten gegeten die ons verwenden met een heerlijke traditionele maaltijd. Vanavond gaat een Liberiaanse huisgenoot voor ons koken, ik ben benieuwd hoe dat smaakt. Binnenkort zullen we dus wel aan de beurt zijn om echte hutspot te maken...
Mijn broertje vond dat ik een bevallingen-aftel-kalender op mijn blog moest maken zodat jullie mee kunnen leven. Voor mijn opleiding moet ik namelijk 40 bevallingen zelfstandig gedaan hebben voor ik mezelf een vroedvrouw mag noemen. De stand is nu 20/40.. ik ben halverwege en sta de komende 4 weken constant op de verloskamer, als ik er iedere dag een doe heb ik mijn 40 bevallingen, ik hou jullie op de hoogte!
Liefs Anneke
PS: Op de foto zie je onze straat en ons hostel.

maandag 16 februari 2009

Machteloosheid en hoop..

Mirjam, een meisje van nog geen twintig, zwanger en ten einde raad. Wat moet ze met een kind als ze nog niet eens een opleiding af heeft. Wat moet ze met een kind als ze nog niet eens geld heeft om voor zichzelf genoeg eten te kopen. Wat moet ze met een kind als de vader is weggelopen, als ze eigenlijk niet eens weet wie de vader is? 

Ik ben in principe tegen abortus, is het dan raar om te overwegen voor de legalisering van abortus te zijn? Meisjes in wanhopige situaties doen het toch wel. De schande en de last die een zwangerschap en de opvoeding van een kind met zich meebrengen zijn te zwaar om te dragen. Een abortus lijkt de gemakkelijkste oplossing. In elke sloppenwijk bevind zich wel een illegale kliniek, soms met medisch materiaal, maar vaak gewoon met een medicijnman die met hulp van haken, naalden en wat traditionele medicijnen je binnen een paar minuten van je zwangerschap afhelpt. De wereld ligt weer voor je open en je kan doorgaan alsof er niets gebeurd is. Het verhaal wordt anders als je hoort dat complicaties van een illegaal uitgevoerde abortus een van de grootste doodsoorzaken van vrouwen in ontwikkelingslanden is. Vandaag heb ik meegekeken op de afdeling voor gynaecologische noodgevallen. De meeste vrouwen kwamen daar na aanleiding van een abortus, in sommige gevallen een spontane miskraam maar in de meeste gevallen een mislukte abortus provocatus. Als daar niets aan gebeurd kan de vrouw vergroeiingen krijgen in haar baarmoeder waardoor ze voor de rest van haar leven onvruchtbaar is. In de ergste gevallen krijgt ze een een infectie, die zonder behandeling gemakkelijk overgaat in een dodelijke infectie.
 
Is het dan niet beter als ze voor hun abortus naar een ziekenhuis hadden kunnen gaan, waar het op een (min of meer) steriele, gecontroleerde manier had kunnen gebeuren? Ik weet het niet, ik vind het moeilijk. Dat abortus moord is blijft voor mij als een paal boven water staan. Maar het meisje dat na een verkrachting zwanger is en daardoor nog steeds herinnerd wordt aan de afschuwelijke vernedering waarvan ze het slachtoffer geworden is en daarom niet zwanger wil zijn snap ik ook...Medische ethiek is nooit zwart wit, antwoorden die toepasbaar zijn voor alle situaties bestaan niet. Ieder verhaal moet apart bekeken worden. 

Mirjam kon de last van haar zwangerschap niet aan. Vandaag kwam ik haar tegen in het ziekenhuis. Ze was naar een illegale abortuskliniek geweest waar ze de weeën hadden opgewekt. Dit ging echter niet helemaal goed. Met ontzettende pijn is ze naar het ziekenhuis gegaan waar ze is bevallen van een tweeling. Twee mooie kleine meisjes, alles er op en er aan maar met hun 20 weken te klein om te leven. Ik kwam binnen toen ze net geboren waren, Mirjam lag huilend van de pijn en de emoties in bed, de tweeling in doeken gewikkeld aan haar voeteneind. Met tranen in mijn ogen bekeek ik de meisjes, de kleine adertjes tekenden fel af onder hun dunne huidje. Het ene meisje was was al overleden, de andere maakte mij aan het schrikken door naar adem te happen. Een gevecht van leven en dood dat ze gedoemd was te verliezen. Ik wilde wel iets doen maar kon niets anders dan toekijken hoe dit meisje het moest opgeven. 20 weken is te jong, zelf in een westers ziekenhuis had ze het niet gered.

Had het voorkomen kunnen worden met voorlichting en gratis voorbehoedsmiddelen? Is er een oplossing? Of moeten we accepteren dat dit soort problemen altijd blijven bestaan zolang het kwaad in de wereld is.. Accepteren wil ik wel, maar opgeven niet.. Ik zal blijven werken om de mensen te vertellen over de hoop die God wil geven. Hoop op een beter leven, een wereld waar kleine meisjes wel recht van leven krijgen, een wereld waar we niet machteloos hoeven toekijken bij rampen maar waar we het leven vieren zoals het bedoeld is.

zaterdag 14 februari 2009

Oeps...

Na een heleboel verwarring over wat nu eigenlijk ons goede adres is, verschillende papieren gaven ons verschillende adressen (lang leve Afrika!) nu een correctie van het adres dat ik de vorige keer gegeven heb.

Anneke Sikkema
Akamwezi Hostel
Plot No 29/30 Kninzi road Wandegeya
P.O. Bob 26744
Kampala Uganda

Mijn excuses.
Het gaat heel erg goed met me, de dagen vliegen en ik kan me niet voorstellen dat ik al een week van huis ben. We hebben de hele week hard gewerkt en veel geleerd en genieten nu van een rustig zaterdagje, we zijn al de hele ochtend bezig met handwasjes die in het felle zonlicht verbazend snel droog zijn. Zometeen gaan we naar Kampala-stad want behalve het ziekenhuis, de sloppenwijk naast ons en onze straat hebben we nog niet veel gezien.
Ik ben benieuwd hoe veel ik nog herken.

Tot de volgende keer!
Liefs

donderdag 12 februari 2009

Duizend nieuwe indrukken...


Dag lieve mensen,
Na een paar dagen werken in het Mulago-hospital heb ik duizend nieuwe indrukken en ik weet niet waar ik moet beginnen met schrijven. Moet ik schrijven over de drukte, de mensen die een bed moeten delen met een onbekende of gewoon op de gang bevallen omdat er geen plaats is? Of moet ik schrijven over het gebrek aan materiaal en personeel, over de frustratie van de vroedvrouwen omdat ze niet altijd kunnen doen wat ze zouden willen doen omdat de voorraad eigenlijk altijd leeg lijkt en dingen niet op hun plaats liggen. Misschien houd ik het voor deze blog wat vrolijker en schrijf ik over de leuke mensen die ik heb leren kennen, zowel in het ziekenhuis als in het hostel waar we wonen, over hoe ontspannen en vrolijk de mensen zijn. Ik zou kunnen schrijven dat het eten lekker is en het weer mooi, en dan teken ik er een zonnetje bij met 25° erin.
Ik weet het niet, het is veel, het is intens en ik geniet enorm. Maar alles onder woorden brengen is moeilijk. Het werk is ontzettend leuk en heel erg leerzaam. We zijn gelijk voor de leeuwen gegooid op het verloskwartier en Renée en ik hebben allebei al wat bevallingen gedaan. Het werk is hier heel anders dan wat we gewend zijn in België. Artsen zijn er eigenlijk niet, al het werk wordt door de vroedvrouwen gedaan en ik moet zeggen dat ze erg kundig zijn. Soms trekken we onze wenkbrauwen op bij wat we zien maar als we dan achteraf vragen waarom dingen gebeurden zoals ze gebeurden is er meestal een goede reden voor. Net zoals er meer wegen naar Rome zijn zijn er ook meer manieren om een kind op de wereld te zetten. Ik zie er naar uit om hier de komende maanden die nieuwe en andere manieren te leren kennen om zo een kundig vroedvrouw te worden die weet waar ze mee bezig is.
Op de foto zie je het uitzicht vanuit onze kamer. Terwijl ik deze blog type zit ik op mijn zachte bed met mijn laptop op schoot te kijken hoe twee meisjes water halen uit een vieze plas, ik hoop maar dat het niet bedoeld is om op de drinken. Veel mensen die komen bevallen in het ziekenhuis komen uit dergelijke sloppenwijken. Ik moet dus niet te veel nadenken bij waar en hoe deze kinderen terecht komen. Het voelt oneerlijk dat de plaats waar je geboren wordt voor een groot deel bepaald hoe je leven eruit gaat zien. Een van de moeders die pas bevallen was vertelde me dat haar vriend bij haar was weggelopen toen ze geen illegale abortus wilde uitvoeren. Ze was blij met haar kindje maar wist niet hoe ze ooit het geld bij elkaar moest krijgen om het op te voeden. 'God is ook de vader van dit kindje, dus hij moet er maar voor zorgen' zei ze... Heel wat anders dan de bevallingen die ik in België gedaan heb, waar de kindjes op hun geboortedag a zo veel cadeaus krijgen dat van het geld een Afrikaans kind gemakkelijk een jaar lang naar school zou kunnen gaan.
Ik heb al weer veel geschreven, nog snel even op zoek naar internet om dit verhaal te plaatsen zodat jullie kunnen meegenieten.
Heel veel liefs, Anneke
PS:Omdat kaartje krijgen altijd een leuke verassing is en veel mensen er om vroegen is hier mijn adres...
Anneke Sikkema, Akamwesi Hostel. P.O. Box 26755, Kampala, Uganda

maandag 9 februari 2009

De zon boven Afrika....


Ik heb de zon zien opgaan uit een vliegtuigraam
Ik heb de zon zien opgaan over Afrika,
En over zijn kinderen...


Dit liedje van Rikkert Zuiderveld zwierf gisterochtend door mijn hoofd terwijl ik vanuit mijn vliegtuigraampje de zon zag opgaan over Ethiopië. De contouren van het land werden steeds duidelijker, imposante heuvels, zandvlakten en in het ochtendlicht af en toe de weerkaatsing van de zon op een tinnen dak. Om emotioneel van te worden, ik was terug in Afrika... Dit werd helemaal duidelijk toen ik uit het vliegtuig stapte. Ondanks het vroege uur was de zon al warm, op het vliegveldgebouw wapperden de vlaggen van de Afrikaanse staten en de mensen waren zwart. Na een paar uur wachten, waarin ik me zoals je op de foto kan zien zeer goed 'vermaakte', konden we verder vliegen naar Entebbe. Daar werd het pas echt een feest van herkenning. De geuren, de kleuren, de mensen... De enige dingen die me er aan herinneren dat ik in Uganda ben zijn de vlag en het feit dat niet de foto van Kibaki, de Keniaanse president, maar Museveni me overal aangrijnst.
Ik ben zo blij dat ik hier ben! We werden van het vliegveld opgehaald door mensen van het ziekenhuis die ons naar ons hostel brachten. Een hostel waar Ugandese, maar ook veel internationale studenten samen wonen. De sfeer is ontzettend leuk, ik heb al veel mensen leren kennen en zie er naar uit om hier de komende maanden te wonen. We hoeven alleen een kleine sloppenwijk door te lopen om in het ziekenhuis te komen en in de omgeving zijn genoeg winkeltjes, kleine restaurantjes en barretjes om in onze dagelijkse behoeften te voorzien. We zijn al even rondgelopen om ons wat te oriënteren en om ons eerste eten te kopen. Het is grappig om te zien hoe anders Renée, mijn reisgenootje die voor het eerst in Afrika is, alles ervaart. Ik hoor het niet eens meer als ze ons mzungu (blanke) noemen en ik zie de starende blikken niet.. Het eten ken ik al en aan het lawaai en het accent van het Engels hoef ik niet meer te wennen. Maar doordat Renée me overal op wijst zie ik het met nieuwe ogen, en vind ik het dubbel zo leuk...
Vandaag gaan we naar het ziekenhuis om daar kennis te maken en te praten over wat we de komende maanden gaan doen. Ik heb zo'n zin om hier te gaan werken!
Ik schrijf snel meer, nu ga ik eerst verder met genieten...
Heel veel liefs, Anneke
PS:Mijn ugandese telefoonnummer is 00256779387529

Dit vind je misschien ook wel leuk...

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...